Free counter and web stats
Stichting Lonneker Land




Doel
Een aantal jaren geleden vatte een werkgroep het plan op om een visie te ontwerpen voor het ruitvormige gebied tussen Oldenzaal, Hengelo, Enschede en Losser, gericht op behoud en bescherming van historische, landschappelijke en natuurlijke waarden. Het resultaat was de oprichting van de Stichting Lonneker Land en een voorstel tot instelling van een landschapspark.
Sinds Defensie zich heeft teruggetrokken uit Twente moet een bestemming voor het vliegveld en het Zuidkamp gevonden worden. De Stichting Lonneker Land ontvouwt in deze nota een visie gebaseerd op een analyse van het vliegveld en van het omringende landschapspark. Omdat het vliegveld middenin het landschapspark ligt en er relaties mee heeft op het vlak van het landschap, de Ecologische Hoofdstructuur, het watersysteem en cultuurhistorie is de Stichting van mening dat de herbestemming van het vliegveld niet geïsoleerd mag plaatsvinden maar in zeer sterke samenhang met de omgeving: de omgeving moet sturend zijn op de ontwikkelingen van het vliegveld.

Het gebied
Tussen Oldenzaal, Hengelo, Enschede en Losser ligt een ruitvormig gebied met karakteristiek landschap en hoge natuurwaarde. Het gebied is een uitloper van het Nationale Landschap NO-Twente en valt grotendeels onder de EHS, de Ecologische Hoofdstructuur.
Omdat wij dit landschap en zijn natuur zeer waarderen, willen we de kwaliteit ervan behouden en, waar nodig, herstellen.
Het gebied omvat vele landgoederen en een agrarisch gebied met cultuurhistorisch interessante boerenerven, essen en maten, reeds beschreven in de Middeleeuwen. De ontwikkeling via marken met hun essen en woeste gronden heeft op talloze plaatsen zijn sporen nagelaten.
We willen deze band met het verleden bewaren en herkenbaar maken in het landschap.

De ruit wordt aan drie zijden omringd door stedelijk gebied. Recreatie in het betreffende gebied speelt een grote rol in het welbevinden van vele burgers van dit omliggende stedelijk gebied. Daardoor zijn ook zij, naast de bewoners van het gebied, stakeholder.
Daarom willen we extensieve recreatie bevorderen en het gebied -onder voorwaarden- meer toegankelijk maken.

Niet alleen de terreinen behorend tot Landschap Overijssel en Natuurmonumenten leveren natuurbeleving. Ook de overige landgoederen én de agrarische bedrijven dragen daar substantieel aan bij. Helaas delen laatstgenoemden in de algehele malaise van het boerenbedrijf. Daarmee worden karakter en kwaliteit van het gebied aangetast.
Daarom willen we het toekomstperspectief van de boeren bevorderen door het propageren van Groene Diensten, zorg en recreatie.

Het vliegveld en zijn omgeving zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden via relaties op het vlak van het landschap, de EHS, het watersysteem en de cultuurhistorie.
Daarom zijn we van mening dat de herbestemming van het vliegveld in sterke samenhang met deze omgeving moet plaats vinden. Dit betekent een bestemming met natuurterreinen, landgoederen en agrarische bedrijven, aangevuld met extra mogelijkheden voor recreatie. Voorts beogen we herstel van de oude beeklopen en een retentiegebied. Overige activiteiten, gebruik makend van de bestaande gebouwen, zijn in bescheiden mate welkom, mits zij geen negatieve invloed op natuur, landschap en recreatie hebben.

De stakeholders en met name hun diverse organisaties, hebben zich verenigd in de Stichting Lonneker Land met als doelstelling:

Instelling van regionaal landschapspark Lonneker Land:
· met een status die bescherming geeft aan het gebied
· met een orgaan voor het overleg tussen de overheid en de andere stakeholders
· met een inrichtingscommissie voor het initiëren, propageren en uitvoeren van activiteiten ten behoeve van kwaliteit en duurzaamheid





(Onderstaande nota weerspiegelt de situatie van januari 2008, latere ontwikkelingen en zienswijzen zijn
hieronder te vinden bij DOCUMENTEN en LINKS en op de website van Vliegwiel Twente Maatschappij VTM.
)

Alternatieve ontwikkeling van natuur en landschap in en
rondom vliegveld Twente

Sinds Defensie van vliegbasis Twenthe is vertrokken staat men voor de keuze tussen doorstart als vliegveld voor burgerluchtvaart of een toekomst zonder eigen vliegveld. Mede ten behoeve van een volwaardig MER-advies willen provincie en gemeente Enschede de tweede mogelijkheid ook grondig aan bod laten komen.
Het vertrek van Defensie heeft aanzienlijke economische en maatschappelijke gevolgen voor Twente. Mede hierom heeft Netwerkstad Twente een beleidsagenda ontwikkeld om tot revitalisatie te komen. Bij afwezigheid van luchtvaart komt het vliegveld en het Zuidkamp vrij.
Lonneker Land gaat daar in deze notitie op in en stelt zich de vraag:
Met welke invulling van het vrijkomende vliegveld doen we recht aan het gebied en zijn omgeving
en komen we tegemoet aan de behoeften van Twente, zoals geformuleerd in de beleidsagenda.


DOCUMENTEN:

Het gebied

Fietsroute Lonneker Land

Fietsroute (PDF-bestand)

Visie Lonneker Land
2004


Beleidsplan 2006

Regionaal park 2006

Indeling Noordwest,
plan met L Overijssel
2006


Zienswijze LL 2008 op vliegveld

Zienswijze SAVT 2008 op Vliegveld

Zienswijze LO en NM 2008 op vliegveld

Zienswijze NMRE 2008 op vliegveld

Commentaar 2006 op vliegveld

Ontwerpdagen
presentatie
2005


Commentaar 2004 op vliegveld


LINK Natuur/Zorg:

st Alternatieven Vliegveld Twente

LINKS Vliegveld:

VliegwielTwente
Maatschappij, VTM


Gebiedsontwikkeling
Vliegveld Twente


Startnotitie MER 2006

Geluidsberekening
2005



LINKS Natuur en
platteland:


Ecologische
Hoofdstructuur


Enschede

Groen Beraad

KNNV Enschede

Landinrichting
Enschede-Noord


Landschap Overijssel

Lonneker

Museum TwentseWelle

Museum Natura Docet

NMOverijssel

Natuur- en Milieu
raad Enschede


Natuur- en Milieu
raad Hengelo


Natuurmonumenten

Overijssels Particulier Grondbezit OPG

STAWEL

st Natuur en Milieu

Startpagina Natuur

Vereniging Behoud Hoge Boekel

Vereniging Behoud Twekkelo

Zorgboerderijen


E-MAIL





Begin





































Begin





































Begin





































Begin





































Begin





































Begin





































Begin

Maatschappelijke context

In eerste instantie heeft Netwerkstad Twente zijn wensen, behoeften, plannen en kernwaarden neergelegd in het rapport "Nieuw Perspectief voor Twente", met als speerpunten de beleidsagenda:
  1. ontwikkeling van Twente als kennisintensieve regio, met overdracht en toepassing van geavanceerde technologie.
  2. een wervend vestigingsklimaat, om bedrijven aan te trekken die werkgelegenheid bieden waarmee we ook de hier opgeleiden kunnen vasthouden.
Het eerste punt is nader uitgewerkt in het project 'Kennispark Twente als katalysator voor de ontwikkeling van kennisintensieve bedrijvigheid voor de Netwerkstad en de overige gemeenten in Twente'. Parallel hieraan zien we de activiteiten van Innovatieplatform Twente. Doelstellingen en werkwijze vallen zodanig samen dat op directieniveau een personele unie beoogd wordt. We behandelen ze daarom tezamen. Uitgaande van zijn kernwaarden heeft Netwerkstad zijn strategische visie de naam gegeven:
"Europees stedelijk netwerk in het groen".

Geografische context

We kunnen de geografische aspecten van onze opgave toelichten aan de hand van de bijgaande kaart, fig.1.


Het vliegveld ligt middenin een gebied tussen Oldenzaal, Hengelo, Enschede, Dinkelland en Losser dat sinds enige tijd bekend staat als Lonneker Land. In de figuur is het aangeduid als Park vanwege zijn landschappelijke waarde. Aan drie zijden is het omringd door Netwerkstad met zijn woonwijken en industrieterreinen.

Fig.1 Netwerkstad en Lonneker Land


Met de overblijvende zijde grenst het Park aan Nationaal Landschap NO-Twente.
Wij wensen de toekomst van het vliegveld te beschouwen vanuit enerzijds enerzijds de welvaart en het welzijn van de burgers van Netwerkstad, anderzijds vanuit de nauw daaraan verbonden waarde van natuur en landschap in het Park, de directe omgeving van het vliegveld.

In het nu volgende behandelen we achtereenvolgens:
-          het gebied Lonneker Land
-          samenhang stad en platteland
-          overwegingen m.b.t. welvaart, welzijn en natuur & landschap
-          van visie tot beleid

Beschrijving van het gebied

Dwars door Lonneker Land loopt de Oldenzaalse/Enschedese stuwwal, voornamelijk bestaande uit slecht doorlatende keileem en klei, met aflopende beken in westelijke en oostelijke richting. De wat eentonige bodemstructuur doet niet vermoeden dat deze beken, samen met het menselijk handelen in de loop der eeuwen, geleid hebben tot een zeer afwisselend gebied met kleinschalig landschap.

De afgelopen eeuw, met zijn industrialisatie, verstedelijking en bijna explosieve groei van de bevolking heeft weliswaar op vele plaatsen het aanzien van het land drastisch veranderd, in het bovengenoemde gebied is de streek echt buitengebied gebleven, met zijn landbouw, natuur en stilte.

De veranderingen zijn dankzij opgravingen, oude archieven en kaarten goed na te gaan en het is te begrijpen waarom het relatief kleine gebied zo'n grote verscheidenheid aan landschap heeft. Elk stuk heeft zijn eigen verhaal dat in het landschap is af te lezen.

In middeleeuwse archieven worden reeds talrijke erven rondom de Roolvinkes en de Linderes genoemd. Ook de eerdgronden laten zien dat hier reeds in de oudheid landbouw bedreven werd. Het resulteerde in het bekende kampen- en essenlandschap.

Fig 2. De kenmerkende gebieden van het midden en westen van Lonneker Land

Naar het noorden gaande komen we op de Lonnekerberg. Hier geen humus en dus geen landbouw, maar van oudsher heide, waar de boeren plaggen staken om hun velden te bemesten. Mede om deze gemeenschappelijke 'woeste gronden' te beheren, dwz. begrazing en houtkap te beperken, werden de marken gesticht. Toen de marken in het midden van de 19e eeuw werden opgeheven en de gronden te koop werden aangeboden, kocht een van de textielfabrikanten het gebied op de Lonnekerberg en begon met innovatieve bosbouw. Van overzee werden nieuwe soorten uitgeprobeerd. Het beleid van de huidige eigenaar, Landschap Overijssel, is niet langer gericht op productiebos, maar op variëteit.

In het noorden vinden we het Holthuis, oorspronkelijk een wat eenzame middeleeuwse boerderij, met eigen kampen (kleine essen), omringd door vaak drassige heidevelden. Door het landgoed slingert zich een beek. Grenzend aan Oldenzaal zien we hier een stukje mini-Twente, waarin veel van de karakteristieke kenmerken zijn te vinden. Langs het landgoed loopt de Oude Postweg, in de late middeleeuwen de grootste verkeersader van Twente.

Ook ten westen van het huidige vliegveld lagen enkele verspreide boerderijen aan of in de nabijheid van de vele beken in het gebied, allen omringd door uitgebreide heidevelden. Het is daar dat na de afschaffing van de marken vele textielfabrikanten de landgoederen vestigden die het oostelijk deel van de voormalige marke Groot Driene zijn karakter gaven. Het westelijk deel van deze marke maakt nu deel uit van het stedelijk Hengelo. Veel landgoederen zijn in particuliere handen, andere zijn in eigendom van Landschap Overijssel. Samen met het vliegveld zetten zij nadrukkelijk hun stempel op Lonneker Land.

Het gebied is een uitloper van het Nationale Landschap N.O.-Twente en valt grotendeels onder de EHS, de Ecologische Hoofdstructuur.

Samenhang stad en platteland/ Netwerkstad en Lonneker Land

De onmiddellijke nabijheid van stad en platteland betekent voor Lonneker Land ernstige bedreigingen en grote uitdagingen. De bedreigingen zijn welbekend: nieuwe woonwijken, verspreid wonen in 't groen, bedrijventerreinen. De uitdagingen behoeven echter enige toelichting. Naarmate een stad groeit in omvang en intensiteit, komt de natuur verder weg te liggen, zowel in afstand als in beleving. Stadsparken kunnen bij deze vervreemding een positieve rol spelen, maar de ruimte en de stilte die het platteland kent, kunnen zij onvoldoende leveren.

Daarom heeft een stad niet alleen behoefte aan een compact centrum met cultuur, hoogwaardige winkels en horeca, maar ook aan een buitengebied dat natuur en landschap in zijn meest zuivere vorm toegankelijk en beleefbaar maakt en dat op zo'n kort mogelijke afstand. Hierbij mag vermenging van functies  niet leiden tot verrommeling.

Onze netwerksteden spannen zich in om het cultureel niveau op een hoger plan te brengen. Niet in de laatste plaats worden zij gedreven door de wens het vestigingsklimaat zo aantrekkelijk mogelijk te maken. Lonneker Land beseft dat een hoogwaardig cultuurklimaat nodig is, maar niet voldoende. Natuurbeleving in hoogwaardig landschap levert bijdragen die al even essentieel zijn voor de gezondheid van brede lagen van de bevolking.
Deze overtuiging is niet nieuw of origineel. Vele, zo niet alle, rapporten over het buitengebied 'in de rook van de stad' stellen hetzelfde, vaak ondersteund met kwantitatieve argumenten. Wij, van Lonneker Land, gaan de uitdaging aan om deze gedachten om te zetten in een realiteit.

Daarbij gaan we uit van de visie dat de stad, met zijn centrum, woonwijken en bedrijfsterreinen, én het buitengebied, met zijn boerenerven en landgoederen, zijn landerijen en natuurgebieden, elkaar nodig hebben en gezamenlijk de verantwoordelijkheid -en financiering- dragen. De stedelingen zullen deze verantwoordelijkheid voor het buitengebied slechts willen dragen als zij, gevoed door kennis van het verleden en inzicht in de natuurlijke processen, zich er nauw bij betrokken voelen.

Daarom is toegankelijkheid in fysieke zin door middel van wandel- en fietspaden noodzakelijk. Om het landschap te begrijpen is historische kennis van het ontwikkelingsproces al even onmisbaar.

Overwegingen met betrekking tot welvaart, welzijn, natuur en landschap

Welvaart, werk: bedrijventerreinen, innovatie, horeca en toerisme
De basis voor welvaart is werkgelegenheid. Belangrijke ingrediënten hiervoor zijn geschoolde arbeid, tot investeren bereide ondernemers, bedrijfsterreinen, wegennet etc. De relatief hoge werkloosheid in Enschede maakt het nodig het industriële karakter van Twente te versterken.
De belangrijkste bijdrage die het vliegveld hieraan kan leveren is ruimte, bijna onbeperkte ruimte.
Indien Netwerkstad behoefte had aan deze ruimte, zou hiermede een essentieel probleem opgelost zijn. Die behoefte is er in kwantitatieve zin echter niet en gezien de demografische ontwikkelingen zal die ook niet komen.
Dam, F. van, C. de Groot en F. Verwest (2006), Krimp en Ruimte. Bevolkingsafname, ruimtelijke gevolgen en beleid. Rotterdam/Den Haag: NAi Uitgevers/Ruimtelijk Planbureau.
Toch worden nieuwe industrieterreinen buiten de stad en bij voorkeur langs verbindingswegen aangelegd. Eigenlijk waren deze nieuwe terreinen bedoeld om nieuwe industrie te lokken. Recent onderzoek heeft echter laten zien dat de nieuwe bedrijventerreinen hoofdzakelijk bevolkt worden door bedrijven die uit de stad wegtrekken en dat Netwerkstad in zijn eigen vijver vist.
Auteurs, waaronder wethouder Helder, hebben aandacht gevraagd voor het feit dat de krimp van de beroepsbevolking, waarvan in enkele jaren sprake zal zijn in Twente, het probleem vergroot. Zij schrijven:
"Door de dalende bevolking zullen gemeenten en regio's onderling concurreren om inwoners vast te houden en nieuwe inwoners aan te trekken. De eerste reflex is om te investeren in nieuwe nóg aantrekkelijkere woonlocaties, nieuwe bedrijventerreinen en grootschalige infrastructurele projecten. Maar binnen een bevolkingsscenario van krimp, kunnen dit zinloze investeringen blijken en daarmee leiden tot potentiële kapitaalvernietiging." 
(Eric Helder, Gerard Schouw en Peter Hovens, Financiëel Dagblad van vrijdag 12 jan. '07).

Met nog volop ruimte op het Regionale Bedrijven Terrein en voldoende ruimte op andere bedrijventerreinen in de Netwerkstad is er dus kwantitatief geen behoefte aan dit ruimtelijk geïsoleerd gebied. Zonder vliegveld is er ook in kwalitatief opzicht geen behoefte. Innovatieve industrieën met behoefte aan 'high tech' methoden kunnen op of dicht bij het daarvoor gestichte kennispark terecht.

Met een groen hart in Lonneker Land ontstaat er een uitgelezen gebied voor recreatie en toerisme.
Waar het Hulsbeek tussen Oldenzaal en Hengelo grootschalige recreatie levert net over de noordgrens van Lonneker Land, is gespreide, kleinschalige recreatie en toerisme passend bij het gebied.

Welzijn: wonen, natuurbeleving, landschapsbeleving, gezondheid

Wonen
In onze maatschappij bestaat de wens om op ruime kavels in het groen te kunnen wonen. Nieuwe woonwijken in Enschede komen daaraan tegemoet. Wij gaan er vanuit dat gespreid wonen in het buitengebied versnipperend werkt en natuurbeleving schaadt. Onze plannen bieden die mogelijkheid dan ook niet. Wel zal het Zuidkamp deel gaan uitmaken van de woonwijk Vaneker.
Met onderhoud van het landschap als toekomstig knellend probleem, zien we in de stichting van nieuwe landgoederen, grotendeels toegankelijk voor het publiek, een tweede mogelijkheid voor ruim wonen in het groen.

Voortbestaan van de landbouw
Ondanks het feit dat hier sprake is van buitengebied bij uitstek, kent Lonneker Land veel van de gebruikelijke bedreigingen van het platteland niet. Er is geen sprake van leegloop van de dorpen. Hoewel het dorp Lonneker zichzelf terecht ziet als een geografische en culturele entiteit is er geen sprake van verschraling; daarvoor zijn de grote steden te nabij. Maar andere dreigingen  doen zich in volle omvang voor:
Economische ontwikkelingen, w.o. afbouw van subsidies, maken voortzetting van de landbouw in zijn huidige vorm en omvang steeds moeilijker. Zowel vanuit het oogpunt van behoud van het kleinschalige landschap als van getuigen van de historische ontwikkeling, hechten wij sterk aan het voortbestaan van de huidige boerenerven. Twee oplossingen doen zich voor:
-   uitbreiding van de omvang van het bedrijf, en/of
-   verbreding van de activiteiten. 
Een aantal mogelijkheden voor het laatste dienen zich aan: groene, blauwe en gele (recreatie) diensten, zorg voor gehandicapten en ouderen. De nabijheid van de stad levert extra mogelijke vormen.

Vaak wordt over het hoofd gezien dat de ontwikkeling van het huidige landschap nauw verbonden was aan de agrarische activiteiten. Met het wegvallen van die activiteiten komt het onderhoud van het landschap onder druk te staan. Alternatieven voor de landbouw dienen een positieve bijdrage aan het landschap en natuurbeleving te bieden.

Landgoederen
Zoals hierboven beschreven, bestaat Lonneker Land voor een groot deel uit landgoederen, boerenerven en natuurgebieden van  Landschap Overijssel en Natuurmonumenten. Omdat het grootste deel van het plangebied vrij toegankelijk is voor de recreërende burger, heeft het in hoge mate het karakter van een collectief goed. De markteconomie functioneert niet goed in een dergelijke context en nieuwe 'economische dragers' dragen niet noodzakelijkerwijs bij aan de oplossing van de noden van het gebied, te weten: onderhoud van het landschap, bevordering van recreatie en toerisme. Voorgestelde ontwikkelingen moeten dan ook altijd beoordeeld worden op basis van hun bijdragen tot de functie die het gebied heeft.

Natuurbeleving
Naar de voorkeuren van 'het publiek' met betrekking tot natuurbeleving is in de afgelopen veertig jaar regelmatig onderzoek gedaan ("Investeren in het Nederlandse Landschap, Opbrengst: geluk en euro's"; samenstellers: LNV – P.J. Braaksma en A.E. Bos; met bijdragen van: Milieu- Natuurplanbureau,Sociaal en Cultureel Planbureau,Ruimtelijk Planbureau).

In willekeurige volgorde gezet, bleek 'het publiek' vooral gecharmeerd van:
•  'authenticiteit', in die zin dat er zo weinig mogelijk als 'vreemd' en 'onnatuurlijk' ervaren objecten in het landschap aanwezig moeten zijn;
•  'ouderdom', in de betekenis van 'niet-modern'; hoe sterker het historische karakter naar voren komt, hoe beter;
•  'natuurlijkheid', vooral op te vatten in de zin van organische groei van 'groen' de vraag of het waargenomen groen van culturele dan wel natuurlijke oorsprong is, doet hier niet ter zake;
•  'kleinschaligheid', waarbij vooral coulisselandschappen het goed blijken te doen; weids open en sterk gesloten landschappen scoren in het algemeen minder.

Van visie tot beleid
Het bovenstaande heeft voldoende duidelijk gemaakt dat wij het vliegveld, het groene gebied erom heen en de omringende steden van Netwerkstad als één geheel beschouwen, organisch verstrengeld en onderling afhankelijk. We kunnen binnen dit gebied dan ook niet spreken over economische dragers van een bepaald geografisch deel, net zo min als we vergen dat elk deel natuurbeleving moet verschaffen. Wel stellen we dat elk deelgebied een maatschappelijke functie heeft.

Fig 3. Ruimtelijke ontwikkelingen in het gebied van Lonneker Land en Netwerkstad.

Rood: nieuw wonen; Donkerblauw: bedrijventerrein; Lichtblauw: in ontwikkeling zijnd bedrijventerrein
Groen: nieuwe natuur; Licht geel: Lonneker Land; Licht groen: 'vliegveld'
Rose:  kennispark; Door rood omrande witte vlek ten zuiden van het vliegveld: het Zuidkamp

We zien in fig. 3. dat Netwerkstad er goed in geslaagd is de verschillende functies te scheiden en daarmee versnippering te voorkomen. Lonneker Land is het gemeenschappelijke uitloopgebied voor Oldenzaal, Hengelo en Enschede. Laatst genoemde gemeente heeft zich een eervolle vijfde plaats verworven als grote gemeente met uitstekende toegankelijkheid van zijn buitengebied.

We zien de clustering van nieuwe bedrijventerreinen aan de A35 en de nieuwe woongebieden ten noorden van Hengelo en ten oosten van Enschede. Grenzend aan Enschede, deels op het terrein van de Universiteit Twente, vinden we het in ontwikkeling zijnde Kennispark.

Het vliegveld bevindt zich in het midden van Lonneker Land; een ruim 400 ha groot gebied met enkele plukjes bebouwing (minder dan 5%), de rest grasland, bos en heide. Het sluit daarmee goed aan bij de rest van Lonneker Land. Deze kaart geeft helder de natuurlijke rol voor Lonneker Land aan: natuurbeleving en recreatie voor de burgers van Netwerkstad. Deze rol wordt versterkt door de perfecte aansluiting bij het Nationaal Landschap NO-Twente (zie ook figuur 1).

Voorstel
Wij stellen voor het vrijkomende vliegveld dezelfde bestemming te geven als het omsluitende Lonneker Land: natuurgebied, particuliere landgoederen en agrarische bedrijvigheid, met een ruime mogelijkheid voor recreatie.

Aan de indeling moet een zorgvuldige analyse van de natuurwaarden en ecologische mogelijkheden voorafgaan.

De hier voorgestelde bestemming sluit goed aan bij wat in de Nota Ruimte van de overheid wordt gesteld: "Militaire terreinen die zijn gelegen in de begrensde Ecologische Hoofdstructuur, de Vogel- en Habitatrichtlijngebieden of natuurbeschermingswetgebieden en die door Defensie worden afgestoten, krijgen bij voorkeur de bestemming natuurgebied" (Nota Ruimte 2004, pag. 43).

Financiering
Een financiële dekking voor de aankoop van het gebied kan gevonden worden in de uitgifte voor de gebruikelijke prijzen van:
a. natuurterrein van Landschap Overijssel
b. een tiental particuliere NSW-landgoederen
c. een drietal (horeca en/of zorg) boerderijen

Als wij hier uitgaan van een groene bestemming voor het vliegveld, en beseffen dat de gemeente Enschede Zuidkamp opgenomen heeft in zijn plan voor de woonwijk Vaneker, is het duidelijk dat het grootste deel van de prijs voor de vliegbasis opgebracht moet worden door het Zuidkamp: rood voor groen! Zoals gezegd, gaan we voor het vliegveldgedeelte uit van de marktprijzen voor de hierboven genoemde bestemmingen.

De toekomstige eigenaren zijn verantwoordelijk voor de inrichting van het gebied. Daarbij moet beseft worden dat de landgoedeigenaren, particulier of (semi-) publiek, een uitzonderlijk mooie groene infrastructuur aantreffen. Defensie heeft een traditie van natuurbeheer op militaire terreinen! Voorts kan bij goede planning gebruik worden gemaakt van een bestaand wegennet. 

Recreatie is van groot belang, maar landgoederen, natuurgebieden en landbouwbedrijven krijgen steeds meer te maken met nadelige effecten hiervan. Sommige vormen van recreatie richten schade aan of hinderen andere recreanten (bijvoorbeeld mountainbikers, ruiters, skaters). Het terrein van het vliegveld zou door zonering juist ruimte kunnen bieden aan extensieve vormen van recreatie die in de andere omgeving voor overlast zouden zorgen. Te denken valt aan voorzieningen die speciaal gericht zijn op deze groepen van recreanten.
 
Volgens overheidsbeleid moet de waterhuishouding bepalen waar welke functies kunnen komen. Ook moeten beken zichtbaarder en natuurlijker worden en moet de grondwaterstand omhoog, terwijl water zo lang mogelijk vastgehouden wordt. Voor het terrein van het vliegveld betekent dit dat de oorspronkelijke beeklopen zoveel mogelijk hersteld worden en de natuurlijke omstandigheden bepalen waar plaats is voor de verschillende functies. Van hoog tot laag kan men zich een zonering indenken van bos (hoge, gesloten beplanting), landbouwgebied en droge open natuurgebieden (uitgestrekte openheid met verschillende kleurvlakken), beekdalen omgeven door brede stroken natte natuur en retentiegebieden (afwisseling van water, lage en hoge beplanting).
Recreanten kunnen er van natuur en landschap genieten vanaf een netwerk van paden, met op strategische plaatsen een uitzichtpunt en informatiebord.
De aanleg van het vliegveld heeft geleid tot een groot open gebied. Deze openheid is een welkome aanvulling op de diversiteit van het Parklandschap. Als zodanig en als monument van een heftig verleden dient het behouden te blijven. Door gebruik van wildroosters kan het publiek toegang verschaft worden tot grote begraasde delen ervan.
De keuze voor geluidsarme recreatie in het Park betekent dat bij eventueel zweefvliegen slechts lieren toegestaan wordt.
De aanwezigheid van de vrijkomende gebouwen biedt wellicht ruimte voor kleinschalige activiteiten (zoals horeca, sport), die geen negatieve invloed hebben op de kwaliteit van natuur en landschap.

Er is vanuit natuurbeleving weinig reden om startbanen en andere infrastructurele werken te verwijderen. Zij vormen een aandenken aan een heftig verleden en dienen voor een deel als zodanig behouden te blijven. Als zij op den duur geen nieuwe bestemming vinden en ongewenst blijken te zijn, kunnen ze in een langjarig programma verwijderd worden. 

Enkele suggesties voor verdere invulling

Recreatie en toerisme
In het voorgaande hebben wij aandacht gevraagd voor recreatie in Lonneker Land. Daarbij gaat het om die recreatie die past in een contramal van een stedelijk gebied, d.w.z. extensieve recreatie in een gebied gekenmerkt door stilte. Natuurbeleving maakt een aanzienlijk deel uit van het gebodene. Maar meer is nodig: beleving van natuur en landschap neemt toe met de kennis van datgene dat ervaren wordt. Deze kennis omvat uiteraard biologie, maar ook bodemkunde en de historie van de wijze waarop ons gebied in de loop der eeuwen zijn huidige vorm gevonden heeft. Dit vergt informatie- en educatiecentra, -zuilen of -borden, in te richten in samenwerking met het nieuwe museum Twentse Welle, het museum waarin zowel het huidige Natuurmuseum, het Janninkmuseum, de Oudheidkamer Twente, als het Van Deinse Instituut is opgegaan. Daarmee is het complementair aan de recreatie die geboden wordt in het Hulsbeek, grenzend aan de noordkant van Lonneker Land.

Recreatieve/educatieve mogelijkheden zijn bijv.:
Een hippisch centrum, sport- en waterfaciliteiten, horeca, ateliers, een infocentrum (in samenwerking met het museum Twentse Welle en Natura Docet).
Op één der voorgestelde locaties voor recreatie staan nu nog grote hallen. Gedacht wordt aan indoorsport. Ook het zweefvliegen, kan stevig bijdragen aan recreatie.

Cultuur in het landschap
In 2003 is voor Vitens en Waterschap Regge en Dinkel door de Esselink Stichting een project voorgesteld genaamd Waterlandgoed Enschede. In dit project werd voorgesteld op de locatie van het waterwingebied van Vitens aan de Weerseloseweg een recreatief park in te richten, met als hoofdzaak een bijzondere tuin waar het draait om water, objecten daarin of daaromheen en om het plezier dat de bezoeker daarvan kan hebben.
Op een congres daarover werd lovend gesproken van het Versailles van Enschede met monumentale waterbekkens, kunstwerken en nadrukkelijk geaccentueerde pompmechanismen.
Nu de Vitens-situatie hier onzeker is geworden na de affaires van kanaalverontreiniging en terrorisme, pleiten Groen Beraad en de Stichting Lonneker Land ervoor om het waterwingebied zoveel mogelijk te behouden en in te richten als een recreatief waterlandgoed en monumentale kunst (genoemd in Landinrichting Enschede-Noord en tot nu toe in Noord alleen aanwezig op de UT campus) met nadruk te incorporeren.
 
Gele diensten
Behalve met de reeds genoemde groene en blauwe diensten kan verbreding van boerenbedrijven (zo mogelijk te vestigen op het terrein van het vliegveld) plaats vinden door middel van activiteiten op het vlak van recreatie en toerisme:

"agro-horeca"('aanleg'-plaatsen voor de wandelende en fietsende recreant), verkoop van lokale producten etc.
In deze categorie vallen ook kampeerboerderijen, "bed- en breakfast"; arrangementen en natuurkampeerterreinen op landgoederen. Verdergaand zijn faciliteiten voor sport en spel: bijvoorbeeld "boerderijgolf"; en maneges. Stawel heeft de huidige belangstelling bij de boeren geïnventariseerd, waaruit bleek dat die er is.

Retentie
In samenwerking met het Waterschap Regge en Dinkel en Landschap Overijssel kan een gedeelte van het vliegveld benut worden voor waterretentie en het meer zichtbaar maken van de oude beeklopen.

Begin


prof. dr. D. Feil, voorzitter
drs. A.G. van Leersum, lid, voorzitter vergaderingen, oud-voorzitter Kamer van Koophandel Twente
dr. G.M.H. van de Velde, secretaris

Enschede, maart 2010